Fiscale eindejaarstips 2020 tips voor werkgevers

Eindejaarstips 2020 - 9 tips voor werkgevers

Op 26-11-2020 heeft er een update plaatsgevonden. Hierdoor is het mogelijk dat een tip gewijzigd is, een tip er niet meer bij staat of dat er een nieuwe tip is bij gekomen. Onze organisatie kan niet aansprakelijk worden gesteld voor eventuele onjuistheden en de gevolgen hiervan.

1. Loonkostenvoordeel voor jongeren

Werkgevers die jongere werknemers in dienst hebben, kunnen jeugd-LIV krijgen. Jeugd-LIV is een tegemoetkoming voor de verhoging van de minimumjeugdlonen in de afgelopen jaren.

Jeugd-LIV

Voor jongeren van 18 t/m 20 jaar geldt een lagere tegemoetkoming in de vorm van het jeugd-LIV. De bedragen voor 2020 vindt u in onderstaande tabel.

Leeftijd op 31-12-2019

Jeugd-LIV per uur

Maximum jeugd-LIV per jaar

18 jaar

€ 0,07

€ 135,20

19 jaar

€ 0,08

€ 166,40

20 jaar

€ 0,30

€ 613,60


2. Benut ook overige nieuwe loonkostenvoordelen

Het loonkostenvoordeel (LKV) is een jaarlijkse tegemoetkoming voor werkgevers die oudere werknemers en werknemers met een arbeidsbeperking vanuit een uitkeringssituatie in dienst nemen of houden. Het LKV vervangt de premiekortingen voor arbeidsbeperkte en oudere werknemers. Om het LKV te ontvangen, heeft u een kopie van de doelgroepverklaring LKV van uw werknemer nodig. Het LKV bedraagt € 3,05 per verloond uur en kan oplopen tot € 6.000 per werknemer per jaar. Alleen voor werknemers uit de doelgroep van de banenafspraak en scholingsbelemmerden bedraagt het LKV € 1,01 per uur en maximaal € 2.000 per jaar.

3. Investeren? Vraag de BIK aan!

Vanwege de coronacrisis is er een nieuwe, fiscale investeringssubsidie geïntroduceerd: de Baangerelateerde investeringskorting (BIK). De BIK geldt voor investeringen in de periode 1 oktober 2020 t/m 31 december 2022 voor nieuwe bedrijfsmiddelen. De BIK kan verrekend worden met de loonheffing en is dus alleen interessant voor bedrijven met personeel. Door deze systematiek is het voordeel van de regeling ook niet afhankelijk van de winst.

Via de BIK kan tot en met 31 december 2021 van een investering 3,9% van het investeringsbedrag tot € 5 miljoen worden verrekend met de loonheffing. Bij een hoger investeringsbedrag is van het meerdere 1,8% te verrekenen. Dit pakt dus gunstig uit voor kleinere investeringen. De percentages voor het jaar 2022 staan nog niet vast. De BIK kan per jaar vier keer worden aangevraagd. Er geldt per aanvraag een ondergrens van € 20.000 en per bedrijfsmiddel een ondergrens van € 1.500.

De BIK kan worden verkregen naast de bestaande investeringsregelingen, de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek, de milieu-investeringsaftrek en de energie-investeringsaftrek. De BIK geldt alleen voor investeringen in nieuwe bedrijfsmiddelen. De investeringen moeten uiterlijk tussen 1 januari 2021 en 31 december 2022 zijn betaald en ook binnen zes maanden na volledige betaling in gebruik worden genomen. Verder geldt er een aantal voorwaarden die vergelijkbaar zijn met die van de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek. Bedrijven die investeren, kunnen de BIK aanvragen bij de RVO. Na ontvangst van een BIK-verklaring kan de BIK worden verrekend met de loonheffing.

Tip!

Investeringsverplichtingen aangegaan ná 1 oktober 2020 tellen mee voor de BIK, maar slechts indien de laatste betaling voor de investering is gedaan in 2021. Het loont daarom de moeite om te beoordelen of de laatste betaling verschoven kan worden naar begin 2021.

Tip!

Vaak worden investeringen gedaan door andere bv’s dan waar het personeel is dienst is. Dan kan een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting nodig zijn om gebruik te maken van de BIK. Daar komt bij dat investeringen in nieuwe bedrijfsmiddelen die bestemd zijn om hoofdzakelijk te worden verhuurd binnen het concern zijn uitgezonderd van de BIK. Een fiscale eenheid voor de Vpb kan dit voorkomen. Een voorwaarde is wel dat het dan moet gaan om zuiver binnenlandse situaties.

Let wel altijd goed op alle voor- en nadelen van het aangaan of verbreken van een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting.

4. Benut uw mogelijkheden binnen de werkkostenregeling

Benut ook dit jaar uw mogelijkheden binnen de werkkostenregeling. Beoordeel uw nog resterende vrije ruimte en bekijk of zaken die u in 2021 wilt vergoeden/verstrekken nog in 2020 kunnen worden vergoed/verstrekt. Het is namelijk niet mogelijk om de vrije ruimte die in 2020 over is, door te schuiven naar 2021.

Tip!

Houd er rekening mee dat de vrije ruimte in 2020 eenmalig is verruimd vanwege de coronacrisis. Tot een loonsom van € 400.000 bedraagt de vrije ruimte 3% en over het meerdere 1,2%. De vrije ruimte wordt in 2021 weer verlaagd: over de eerste € 400.000 van de loonsom wordt de vrije ruimte 1,7% en over het meerdere 1,18%.

Houd ook rekening met het gebruikelijkheidscriterium. Dit is een lastig criterium, dat inhoudt dat uw vergoedingen en verstrekkingen niet in de vrije ruimte kunnen worden ondergebracht als deze onderbrenging op zichzelf ongebruikelijk is en/of de omvang van de vergoeding/verstrekking ongebruikelijk is. Ongebruikelijk betekent in dit verband een afwijking van 30% of meer van wat in vergelijkbare omstandigheden gebruikelijk is. Volgens een arrest van de Hoge Raad betekent het echter niet dat alleen zakelijke vergoedingen en verstrekkingen in de werkkostenregeling kunnen worden ondergebracht. In de betreffende zaak ging het om aandelenpakketten.

Tip!

Maak gebruik van de doelmatigheidsmarge van € 2.400 per persoon per jaar. Tot dit bedrag beschouwt de Belastingdienst de vergoedingen/verstrekkingen in ieder geval als gebruikelijk. Het bedrag van € 2.400 geldt in alle redelijkheid, dus bijvoorbeeld niet voor zover het loon van de werknemer lager is dan de bedragen waar hij recht op heeft volgens de Wet op het minimumloon of als stagiair. Overigens betekent dit niet dat het bedrag van € 2.400 per definitie onbelast is. Het bedrag telt ‘gewoon’ mee voor de vrije ruimte en kan dus mogelijk een extra heffing van 80% opleveren voor de werkgever.

Maak alleen gebruik van de concernregeling binnen de werkkostenregeling indien deze positief voor u uitpakt. Houd er hierbij rekening mee dat de concernregeling alleen geldt voor bv’s, nv’s en stichtingen en dat een belang van minimaal 95% gedurende het gehele jaar vereist is. Door de concernregeling kan een bv die tot een concern behoort de ongebruikte vrije ruimte van een andere bv binnen hetzelfde concern benutten. Door de grotere vrije ruimte dit jaar vanwege de coronacrisis, is het gebruik van de concernregeling echter minder vaak voordelig. Als u de concernregeling toepast, kunt u namelijk maar één keer profiteren van de extra vrije ruimte van 3% over de eerste € 400.000 van de loonsom. Het gebruik van de concernregeling is optioneel en u hoeft uw keuze pas ná 2020 te bepalen.

Tip!

Heeft u nog geen andere belaste vergoedingen of verstrekkingen gehad - die u heeft aangewezen als eindheffingsloon, dan kunt u zichzelf dit jaar als dga bijvoorbeeld ook een eindejaarsbonus geven van € 2.400. Staat uw partner ook op de loonlijst, dan geldt dit ook voor hem of haar. Dit is niet mogelijk als u gebruik heeft gemaakt van de loonkostensubsidie NOW 2- en NOW 3-regeling in het kader van de coronacrisis en u een voorschot in de tegemoetkoming kreeg van € 100.000 of meer, dan wel een definitieve tegemoetkoming van € 125.000 of meer. Dit verbod op een bonus voor de dga en partner geldt ook onder NOW 1 als er gebruik is gemaakt van de concernregeling. Verder geldt het verbod ook als u langer dan drie maanden bijzonder uitstel van betaling heeft gekregen.

5. Vier kerst dit jaar 'WKR-optimaal' met uw personeel

Geef bij dreigende overschrijding van de vrije ruimte in plaats van een kerstpakket eens een nieuwjaarsgeschenk. En (mits dit gelet op de overheidsmaatregelen Covid-19 mogelijk is) een bedrijfsfeestje is begin 2021 misschien net zo gezellig als eind 2020. Omdat deze verstrekkingen dan in 2021 plaatsvinden, komen ze ook ten laste van de vrije ruimte in 2021.

Let op!

Bedenk wel dat schuiven alleen zin heeft als u in 2021 niet met dezelfde dreigende overschrijding van de vrije ruimte te maken krijgt en houd er rekening mee dat de vrije ruimte in 2021 beduidend geringer is.

Let op!

Gaat de borrel binnenshuis gepaard met een maaltijd, dan komt voor de maaltijd wel het forfaitaire bedrag van € 3,35 per werknemer ten laste van de vrije ruimte. Dit is echter altijd beduidend minder dan de werkelijke waarde van een maaltijd buiten de deur, die anders ten laste van uw vrije ruimte was gekomen.

6. Houd rekening met wijziging 30%-regeling

De 30%-regeling voor buitenlandse werknemers met een specifieke deskundigheid is gewijzigd. Vanaf 2019 mogen werkgevers de regeling nog maar vijf jaar toepassen in plaats van acht jaar. Er is overgangsrecht ingevoerd voor de groep werknemers waarvoor de regeling als gevolg van deze maatregel in 2019 of 2020 zou eindigen en die zijn ingekomen vóór 1 januari 2012.

Op basis van de 30%-regeling mag een werkgever 30% van het salaris van de betreffende werknemer belastingvrij uitbetalen als tegemoetkoming in de extra kosten van de buitenlandse werknemer. Een hoger percentage mag ook, mits aannemelijk wordt gemaakt dat de kosten ook hoger zijn.

Er gelden wel de nodige voorwaarden om de regeling te mogen toepassen. Met name moet sprake zijn van een specifieke deskundigheid. Dit is onder meer het geval als het jaarsalaris, exclusief de belastingvrije vergoeding, in 2020 minstens € 38.347 bedraagt. Voor werknemers jonger dan 30 jaar met een mastertitel geldt de verlaagde salariseis van € 29.149. Verder moet de werknemer voordat hij bij de Nederlandse werkgever in dienst trad, op minstens 150 km afstand van de Nederlandse grens hebben gewoond.

Tip!

Een soortgelijke regeling geldt voor werknemers die tijdelijk in bepaalde aangewezen landen werken. Ook aan die werknemers mag onder voorwaarden 30% van de beloning onbelast worden uitbetaald. Deze regeling wijzigt niet.

7. Vorm een voorziening voor een transitievergoeding

Bij onvrijwillig ontslag van een werknemer bent u in beginsel een transitievergoeding verschuldigd. De hoogte ervan is afhankelijk van het aantal jaren dat de werknemer bij u in dienst is geweest en de hoogte van het salaris. De transitievergoeding bedraagt in 2020 maximaal € 83.000 of een bruto jaarsalaris als dit meer is.

Zijn er voldoende aanwijzingen dat u op niet al te lange termijn een of meer werknemers moet ontslaan, dan kunt u een voorziening vormen voor een transitievergoeding. Op deze manier kunt u nu al rekening houden met de kosten van een transitievergoeding die zich pas in de toekomst zullen voordoen. De hoogte van de voorziening moet u afstemmen op de te verwachten kosten en de te verwachten termijn waarop deze kosten zich zullen voordoen.

Let op!

Er moet een redelijke mate van zekerheid bestaan dat de transitievergoeding betaald moet worden. U zult dit dus aannemelijk moeten kunnen maken, bijvoorbeeld door aan te tonen dat een reorganisatie – bijvoorbeeld vanwege de coronacrisis – op termijn niet is te voorkomen.

8. Bereid u voor op einde belastingvrije vaste reiskostenvergoeding

Werkgevers kunnen hun werknemers een vaste, belastingvrije vergoeding geven voor de kosten van het woon-werkverkeer. Indien uw werknemers een vaste reiskostenvergoeding voor het woon-werkverkeer krijgen, hoeft u die vanwege de coronacrisis dit jaar niet aan te passen. In ieder geval tot en met 31 december 2020 mag u blijven uitgaan van de feiten waarop de vaste vergoeding was gebaseerd. Voorwaarde hierbij is wel dat het recht op de vaste vergoeding uiterlijk vaststond op 12 maart 2020.

Let op!

Zonder extra maatregelen verloopt de faciliteit op 1 januari 2021.

Dit betekent dat een vergoeding voor reiskosten voor thuiswerkers vanaf 1 januari 2021 dan belast loon is. De werknemer houdt dan netto minder over en u als werkgever dient premies werknemersverzekeringen en Zorgverzekeringswet af te dragen.
U kunt hier op het afschaffen van de faciliteit op verschillende manieren inspelen. Zo kunt u de vergoeding afschaffen of verminderen, maar u kunt ook de belasting voor uw rekening nemen door de vergoeding te bruteren. Dit is een relatief dure optie. Daarom is het vaak voordeliger in plaats hiervan de vergoeding onder te brengen in de werkkostenregeling.

Let op!

Brengt u de vergoeding onder in de werkkostenregeling, dan dient u aannemelijk te kunnen maken dat de vergoeding voldoet aan het gebruikelijkheidscriterium (zie tip 57) en dus niet meer dan 30% afwijkt van wat in soortgelijke situaties aan vergoeding wordt verstrekt.

9. Vraag tijdig de verhoogde WBSO aan

Werkgevers die innovatieve activiteiten verrichten, kunnen via de WBSO een fiscale tegemoetkoming krijgen in de vorm van een percentage van de gemaakte kosten. Deze kosten bestaan uit de direct toerekenbare salariskosten plus de overige toerekenbare kosten van innovatie.

Let op!

Van deze kosten mag u in 2021 tot € 350.000 een extra bedrag van 40% verrekenen met de af te dragen loonheffing. Dat is 8%-punt meer dan dit jaar, want nu krijgt u nog 32%. Voor startende ondernemers is het percentage verhoogd van 40% dit jaar naar 50% in 2021. Het percentage boven € 350.000 is hetzelfde gebleven en bedraagt dit en volgend jaar 16%.

Als u innovatieve activiteiten gaat uitvoeren, kunt u de WBSO vooraf online aanvragen bij RVO.nl. Aanvragen kan in vier periodes per jaar.

Let op!

Aanvragen voor de eerste periode van 2021 moeten uiterlijk 20 december 2020 bij RVO.nl binnen zijn.

Nog meer fiscale eindejaarstips?

Klik op een categorie om naar de bijbehorende tips te gaan:


Graag bekijken we samen met u of het verstandig is om in uw unieke situatie wel of geen stappen te zetten.

Eindejaarstips 2020 - 9 tips voor werkgevers
Hulp nodig? +31 (0)53 850 49 00
Contact opnemen
KroeseWevers maakt gebruik van cookies

Om u beter en persoonlijker te helpen, gebruiken wij cookies. Wij gebruiken cookies voor het bijhouden van statistieken, maar ook voor marketingdoeleinden. Door op ‘zelf instellen’ te klikken, kunt u meer lezen over onze cookies en uw voorkeuren aanpassen. Door op ‘Accepteren’ te klikken, gaat u akkoord met het gebruik van alle cookies zoals omschreven in onze cookieverklaring.